Patagonië

2 november 2024 - Rio Grande, Argentinië

Wie kent het niet: Le Petit Prince van Jean Baptiste de Saint-Exupery. Het ideale, want het was een dun boekje, voor de Franse literatuurlijst. Hoe kom ik daarbij, nu ik in Argentinië ben?

Inspiratie le petit prince

Een klein eilandje in bolhoed-vorm in haar prachtige omgeving, net aan het begin van de Peninsula Valdes, heeft als inspiratiebron gediend voor de schrijver voor zijn beroemde korte verhaal. Een kinderboek en een metafoor over de bedoeling van het leven. En over vriendschap. Vertaald in 180 talen/dialecten. De schrijver, een piloot en avonturier,  geboren in 1900 in Frankrijk, vertrok in 1929 naar Argentinië. Daar werd hij verliefd op Patagonië. In 1943 kwam zijn 'Le Petit Prince' uit en in 1944 verdween Saint-Exupery in zijn vliegtuig van de radar tijdens een oorlogsmissie. Nu vinden wij het eilandje Isla de los Pajaros, boordevol pinguins en andere vogels maar verboden voor mensen, aan het eind van een 5 km lange gravelweg. De vorm van  de hoed valt meteen op; 50 jaar na dato geeft dit plaatje mij een Aha Erlebnis. Grappig hoe zoiets meteen boven komt drijven in het bewustzijn. Veel dingen van vroeger zitten goed vast in het geheugen. Terwijl nieuwe dingen, zoals de Spaanse taal (ahum) en al die verschillende plaatsnamen onderweg een stuk moeilijker blijven plakken! Gelukkig ben ik gevoeliger voor plaatjes dan voor letters. Al die mooie 'plaatjes' van onze reis sla ik stevig op in de hersenpan om me straks te laten helpen door alle foto's en blogs. Want het is veel wat we passeren, beleven, meepikken. Deze leuke verrassing ‘van een ander soort’ naast al het natuurschoon en fijne ontmoetingen. Gelukkig houdt onze verwondering niet op en wordt het genieten nooit verzadigd. We hebben nog meer voor onszelf in petto!

Bert eindigde het vorige blog met een beschrijving van alle wonderen die we beleefden en zagen op de Peninsula. Dit schiereiland  Valdes zit met een smalle strook land van zo'n 25 km lang, vast aan het "vaste land". De omgeving wordt bepaald door stugge heesters en grassen die bestand zijn tegen het barre klimaat in Patagonië. We trekken verder zuidwaarts en blijven de kustlijn volgen: Die is grillig met baaien en kliffen. Op zonnige dagen is de zee onverminderd van het meest prachtige blauw. We kamperen op idyllische plekken aan diezelfde zee met een soort van "alleen op de wereld" gevoel. De weg slingert af en toe omhoog. Wij volgen de goede gravel weg. Slechts onderbroken met om de 10 km ofzo een veerooster voor de schapen en de koeien. Dat is ook vaak de grens waar de ene estancia (boerderij) ophoudt en de volgende begint. Allemaal schapen- en koeienboeren hier met enorme oppervlaktes aan land. Zomaar 10.000 hectare. De (merino)schapen met hun lammeren van een half jaar oud sprinten gealarmeerd weg als wij langs komen. Het lijken wel springbokken zoals ze over de heesters heen het hazenpad kiezen. Het enkele boerenerf zie je al op afstand; verscholen achter hoge bomen om de altijd aanwezige wind het hoofd te kunnen bieden en met steevast een windmolentje om water op te pompen. Verder vele kilometers niks. De kleuren van de heesters zijn petrol-achtig  in vele schakeringen van groen tot blauw. Verder  bloeien vele kleine gele bloemen. Zover als het oog reikt. Het landschap gaat maar door. Klinkt saai? Dat is het niet. De verlatenheid, de ruigte, de stilte (als de motor uit staat), het zó ver kunnen kijken. Het zijn de details die gaan opvallen. Wij raken hierdoor in vervoering. Zelfs ondanks de koude wind en matige temperatuur. We dragen alweer een hele tijd een trui, sokken, lange broek en gaan naar buiten met jas en handschoenen aan. Voorjaar is het hier en de zon geeft al warmte zodat we de bus altijd lekker met de deur in de zon zetten. Dan kan ‘ie open wat een stuk prettiger voelt. Het is dan net of we in de sèrre zitten.

We rijden naar een uitzicht punt op een klif met grote kans om orka's te zien. De weg naar de klif, Punta Ninfas is een redelijk spoor. Hier en daar een  flinke steen, gat, een rivierbedding of een stuk met stuifzand. Onze rooie vriend trekt er zonder protest doorheen. Op de klif kijken we zo'n honderd meter naar beneden waar op het strand een paar zeehonden liggen te zonnebaden. Poeh da's diep. We wandelen een eindje langs de baai en zien hier en daar verspreid nog meer zeehonden en zeeolifanten in het zand. Die laatste gooien zand over zich heen en sommigen draaien net zo lang tot ze in een kuiltje liggen. De mannelijke exemplaren kunnen 5 meter lang worden en 5000kg wegen! Een vrouwtje slechts een magere 800 kg en 3,5 meter lengte. Zeehonden zijn wat eleganter en mobieler ze hupsen op het droge  op hun zwemflappers vooruit. Na het avondeten, ondertussen is de deur dicht, gaat Bert nog ff naar buiten en ziet hij vinnen aan het wateroppervlak! "Zijn dat dolfijnen?" roept Bert, "kom kijken". Verrekijker mee (is niet nodig blijkt later), schoenen aan en ik spring er achter aan. Het blijken ORKA'S, wow. Da's het grootste familielid van de dolfijnen. Daar kwamen we voor. Zo mooi, grotesk en sierlijk gaan ze door het water. Vlak onder ons. Op de vloedlijn. We kunnen het wit zwart heel goed zien in het heldere water. Het zijn er 3. Later nog 3 anderen. Orka's staan boven in de voedselpiramide. Ze hebben geen vijanden. De enige vijand is de mens (tja, wie kan het anders zijn) die de vervuiling van de oceanen veroorzaakt met als grootste gevaar de microplastics. Jonge orka's gaan daaraan dood en deze vervuiling zou een negatieve invloed hebben op de vruchtbaarheid. De orka's leven en jagen in groepen. Ze lusten ondermeer graag zeehonden en pinguïns. Daarom zwemmen de orka’s, als het vloed is, dicht onder de kust om ze zo te kunnen ophappen...

Moe maar voldaan kruipen we het bed in. Sweet dreams totdat het rond middernacht steeds harder gaat waaien. We staan nog steeds op de klif. Een meter of 8 van de rand.  Als we ervan af waaien vallen we wel erg diep. Mijn onrust neemt toe, de storm ook. Mijn verstand (en Bert) zegt dat wegwaaien niet kan... Daar waait het lang niet hard genoeg voor. Maar de slaap wil niet meer komen en ik zit rechtop in bed. Om de rust te laten weerkeren besluiten we de auto een paar honderd meter te verzetten. Grote schijnwerper aan en iets verder van het randje vandaan. De wind is daar ook meteen wat minder en mijn angst ebt weg. We kunnen weer slapen. Als een blok.

Een dag later en gewoon vanaf het strand in plaats vanuit de hoogte zien we walvissen! Gewoon tijdens een stop om ff te lunchen, het is weer een feestje. Ze zijn actief en gooien hun staarten in de lucht.

Infobord pinguïn kalender

Onderweg bezoeken we nog een pinguïn kolonie. Die zijn echt grappig. We horen ze al van een afstandje hun geluid lijkt op het balken van een ezel. Ze leven met honderdduizenden bij elkaar en maken ondiepe holen om hun ei in te leggen. Twee stuks. Dat doen ze rond deze tijd, in oktober. Pap en mam broeden om beurten op de eieren. In een schema van 20 dagen broeden en 20 dagen weg  de zee in om te eten. Dan wisseling van de wacht. Als de eieren uitkomen  worden de jongen door zowel vader als moeder gevoed. Een pinguïn heeft 2 magen. Eentje met eten voor zichzelf en eentje met eten voor zijn jongen dat hij opboert en in hun bekkie deponeert.

Voor dat er een ei gelegd kan worden: aktie

PinguïnsPinguïnMet Bert

Het blijft verbazingwekkend, telkens weer hoe mooi de natuur toch in elkaar zit. Overal is aan gedacht. In mei  vertrekken ze allemaal als de jongen hun donshaar kwijt zijn. Ze zwemmen naar Brazilië. Duizenden kilometers verderop en weer terug zonder aan land te komen. Zodat in september  de cyclus opnieuw kan beginnen. Terug naar hun oude nest om te paren met dezelfde partner. Als er onderweg tenminste geen ongelukken zijn gebeurd. Er blijken zo'n 17 soorten pinguïns te zijn en deze hier is de Magelhaen. Een onderdeurtje vergeleken met de Koningspinguïn van 1 meter die we hopelijk op Antarctica (Hè, Antarctica? Ja, Antarctica! maar daarover later meer) gaan zien.

Na een dag of drie eindelijk weer een dorp. Camarones. Een supermarkt rijk.

Supermarkt

Interieur super

De half open staande deur doet weinig inhoud vermoeden. Maar binnen is het er als een kruidenier uit vervolgen tijden, met houten schappen en heel veel verschillende spullen. Met een tas vol aan wijn, fruit, groente, brood, pelpinda's en een vleesje voor op de bbq (we passen ons goed aan) gaan wij de deur weer uit. Pinnen kan hier niet, dus halen we een stapel Peso’s uit de kluis. De komende dagen maken ze ons niks. Graag zou ik ook nog een wasje willen doen. Hier en daar gevraagd naar een Lavanderia, maar die is er niet. Wel vinden we op aanwijzingen van een wandelaar, een mevrouw die onze was wil doen voor een paar peso’s. In haar keuken zag ik een wasmachine staan en buiten hing een waslijn. Dus dat zal goed komen.

Met schone was en een gevulde voorraadkast trekken we de volgende ochtend verder langs de kustlijn. De overnachtingsplekken blijven desolaat en onveranderd mooi  al rijdend door dit prachtige landschap. Nadat we de 2e pinguïn kolonie hebben bezocht, besluiten we in deze buurt, een paar kilometer verderop in een ander baaitje, te overnachten. Middagje rondklunen en Bert bakt een brood. Experiment: in de grond. Gat graven en met stenen een prachtige oven gemaakt en daar komt een even prachtig brood uit. Mmmmm. Bakker Bert, mag t’ie vaker doen.

Brood in de grondBroodje bakkenBrood is klaar

Patagonië is ruig en het waait altijd. We hebben de wind figuurlijk lekker in de rug totdat er zich een klein probleempje voordoet. De huishoudaccu (voor het woongedeelte: koelkast en een lampje en zo) laadt niet meer op via de motor/dynamo. De zonnepanelen werken wel maar dat is net onvoldoende. Normaal is het zo dat de accu bijlaadt als we rijden. Nu dus niet meer. We zijn net vertrokken uit een stad van enig formaat met dito naam: Comodoro Rivadavia. We overnachten in een naburig dorp aan de boulevard, rijden de volgende dag terug en komen terecht bij Vincente, een elektricien. Hij onderzoekt het systeem en komt tot de conclusie dat onze onderhoudsvrije accu droog staat en er gedestilleerd water in moet. In een gelaccu... “De accu zal weer tot leven komen”, verzekert hij ons.

We rijden weer aan maar de accu laadt niet op. De volgende dag weer terug. De accu blijkt echt dood er moet gewoon een nieuwe komen. Die vinden we. Met vereende krachten de oude eruit en de nieuwe erin. En rijden maar weer. Naar een camping 20 kilometer verderop, met een stopcontact zodat we aan de elektriciteit kunnen staan. De volgende ochtend laadt hij nog steeds niet bij via de motor. Bert duikt weer onder het bankje waar de accu staat maar het blijft een raadsel. Terug naar Comodoro: heen en weer. We kennen de weg onderhand. Weer naar Vincente op advies van de accuboer. Vincente gaat over 3 jaar met pensioen en hij is ook een camper aan het bouwen om op pad te kunnen gaan. Leuke man die tussen de verhalen door een kapotte zekering ontdekt. Een zekering, hoe simpel kan het zijn. Hij wil net als de vorige keer niet betaald worden en geeft ons een knuffel. Gelukkig hebben we wijn op voorraad waarmee we hem heel hartelijk bedanken. Verder en door na dit intermezzo. En de accu laadt!

Wat is het toch fijn als je geen haast hebt en je je realiseert dat deze klusjes, die er toch gewoon af en toe bij horen, in alle rust gedaan kunnen worden. Het werkt weer en dat is uiteindelijk het belangrijkste.

Als er iets kapot gaat dan... volgt vaak het volgende. Want een paar dagen na de "stroomstoring" merken we dat de koelkast slecht koelt. Eerst denken we nog dat alleen het vriezertje defect is maar van lieverlee (het bier is lauw) wordt duidelijk dat tíe het gewoon niet meer doet. Bert bouwt hem uit en constateert dat de compressor niet meer aanslaat. Te weinig gas?  We zijn nu ver van de bewoonde wereld en wachten tot we weer een stad aandoen om een handige Harrie te zoeken. Misschien kan de compressor gemaakt worden of gas worden bijgevuld.

Zo warm is het hier niet dus de luxe van een koelkast kunnen we best even missen.

We zijn inmiddels landinwaarts gereden richting Andes. Ik had ergens gehoord dat de routa 12, een onverharde provinciale weg prachtig moest zijn met mooie rotsformaties.

Zwitserse kaas rotsRots formatie

Daar bleek geen woord van gelogen. Enorm mooi in alle kleuren van de regenboog. Horizontaal gekleurde gesteentes in lichte en donkerder tinten als kastelen van spekkoek. Donkerrood gesteente in vertikale lijnen als orgelpijpen of soms een ruwe pukkel op een hoge groene heuvel. Zelfs een rotsformatie die "de Zwitserse kaas" wordt genoemd. Inderdaad met gaten. We nemen een kleine omweg van 60 km. Het lange bultige zandpad leidt ons naar "Bosque Petrificados de Jaramillo".

Nationaal Park el Bosque

Een nationaal park met vulkanen, een groot kratermeer en versteende bomen. Een Bosque lijkt me voor nu wat ver gezocht, maar zal het ongetwijfeld  zijn geweest miljoenen jaren geleden. Er liggen een aantal woudreuzen van wel 45 meter lengte. Diameter meer dan anderhalve meter. De bomen zijn ooit bedolven onder de lava-as, geconserveerd en door de eeuwen heen versteend om uiteindelijk door de wind weer in zicht te komen. Het ziet er uit als hout en voelt als steen. Zo oud...en daar lopen wij gewoon. Voelt nietig en groots tegelijk.

petrified boom

Leuk, we mogen van de ranger in het park zelf, waar ook weer niemand is, blijven overnachten. Hij stuurt ons 13 km verderop naar de parking van een wandelpad dat naar de vulkaan Madre y higa (moeder en dochter) leidt. Weer genieten van 'The middle of nowhere'. Geen geluid, geen ander licht dan van de wassende maan en sterren. Heerlijk geslapen en de volgende ochtend wandelschoenen aan en de vulkaan op.

Later op de dag pikken we de Routa 12 weer op. In dit gebied woont niemand. Alleen gravel- en zandwegen. Door de bergen en over de Pampa heen. Verder niks. 4 Dagen. 350 Kilometer. Één klein dorp. Probeer je voor te stellen: Je rijdt door Nederland van Maastricht naar Groningen en je komt maar  1 dorp tegen.  Zie je het voor je?? O ja, en ook nog 1 auto. Ééntje! Heel af en toe is er een zijpad waar een bordje  staat dat naar een Estancia verwijst, 20 kilometer of meer verderop. Niet te zien. Er is gewoon niemand en het is hier zo mooi. We gaan langzaam omdat de weg slecht is en daardoor zien we veel en zitten we IN het landschap. We rijden gewoon door 1 lange natuurfilm. De meest bizarre rotsformaties van kleur en vorm afgewisseld met vlak pampaland. Hier en daar groepjes Guanacos  die soms ons pad kruisen.

Overstekende guanaco's

De guanaco is een wilde lama uit de familie van de kameelachtigen met een schofthoogte van 110 cm. en zo’n dikke 100 kilo.  Ze hebben een rossige bruine vacht met een witte buik. Zoals bij veel dieren bestaat de vacht (wol) uit 2 lagen. De bovenlaag is ruw  en de onderlaag fijn en zacht. Goede isolatie dus. Op de flanken zijn kale plekken te zien die dienen om overtollige warmte te verliezen. Dat de guanaco tot de kameelachtige behoort zie je vooral door de gelijkenis met de manier van bewegen. Ze golven in galop soepel door het landschap en kunnen snelheden bereiken tot 60 km/u. Dat is harder dan wij gaan! Ze leven in groepen; een hengst met zijn harem en kunnen 25 jaar worden. We zien heel veel van deze sobere dieren. Soms zien we ook een gordeldier, vos, een mara (haasachtige) of een nandoe en andere vogels. Geen mensen. De poema leeft hier ook. De levende poema’s blijven voor ons buiten beeld. Bij twee veeroosters worden we onaangenaam verrast door een rijtje dode poema's. Daar naast elkaar neergelegd en inmiddels ingedroogd. Later horen we dat ze gedood zijn door de boerenknechten als bewijs voor de landeigenaar dat het personeel geen schapen achter overdrukt voor eigen pot maar dat de poema actief was op hun land.

De kenmerkende taaie heesters, struiken en grassen worden langzaam in kleur gezet.  We zien tussen alle kleuren geel/groen kleine knalrode bloempjes op bolvormige struiken oplichten en verspreid als sneeuwvlokken vallen ogenschijnlijk tere witte bloemetjes op; de lente is begonnen.

Lente op de pampa

Patagonië is betoverend en haar magische sfeer voor avonturiers een droombestemming. Mystiek Patagonië is een van de weinige plaatsen op de wereld die de verbeelding inspireren. Zo lees ik een aantal superlatieven die ik graag onderschrijf. Er is iets hier in deze eenzame ruigte onder de woeste wolken. Als kleine stofjes die we zijn, die toevallig voorbij dwarrelen. Het is zo grotesk hier, je voelt het tijdloze, de miljoenen jaren die de natuur gevormd hebben. Wat hebben we daar aan toe te voegen, wat hebben we hier te doen, behalve ademhalen en zijn.  Wat rest is dankbaarheid omdat we kunnen genieten van wat op ons pad komt, van wat ons op- en toevalt. Graag laat ik de muizenissen, zorgen en grote dingen in de wereld even aan me voorbij gaan. De tijd nemen om te koesteren omdat het bijdraagt aan een mooiere wereld. Oei, wat een grote woorden. Maar schoonheid maakt melancholiek!

We zijn al een paar weken in Patagonië, vanaf het meren-gebied eigenlijk al, maar hier in het zuiden komt het land echt tot zijn recht. Alles wordt steeds woester en kaler.

Waar heb ik het over. Patagonië en Vuurland liggen in het zuiden van zowel Chili als Argentinië en vormen de uiterste taartpunt van het Zuid Amerikaanse continent. Een enorm gebied met hooggebergte, vulkanen, regenwoud, ijskappen en eindeloze pampa's. 15 keer zo groot als Nederland en nauwelijks bewoond met amper 2 mensen per km2. Patagonië kreeg zijn naam van de Portugese ontdekkingsreiziger Magelhaen (of Magallanes op z'n Spaans) die in 1520 de zuidelijke doorvaart ontdekte: de Straat van Magallanes. Deze straat verbindt de Atlantische en de Stille Oceaan een grote ontdekking destijds. Toen hij voor het eerst voet aan land zette op de Argentijnse kust zag hij buitengewoon grote voetafdrukken in het zand. Hij wist niet dat de Tehuelche- indianen (de oorspronkelijke bewoners) hun voeten omwikkelden met guanaco huiden. Die mysterieuze bewoners noemde hij Patagones (grootvoetigen) en zo ontstond de naam Patagonia.

Toen hij door de naar hem vernoemde zeestraat voer in 1520 zag Magelhaen rookwolken van indiaanse kampvuren en noemde dat land (creatieve geest die man); Tierra del Fuego (Vuurland). Beter  was de naam Tierra del Viento (land van de wind) geweest want dit zuidelijkste stukje land is een van de stormachtigste gebieden op aarde. Deze beruchte harde wind heeft ook haar mooie kant: heldere luchten, prachtige wolkenformaties en snel wisselend weer. Dus eerst altijd ff checken uit welke hoek de wind komt (soms lijkt tíe overal vandaan te komen) voordat we parkeren voor lunch of overnachting. Grappig hoe dat aandachtspuntje gedurende onze reis blijft veranderen van: in de schaduw, in de zon, in de wind, uit de wind!

Mooie Patagonische luchtenMooie luchten

Ik pak de draad weer op. Na dagen over onverharde wegen in een wijds en afwisselend landschap komen we uiteindelijk aan in het stadje Gobernador Gregorus. Apart stadje, dat ook weer zo enorm geïsoleerd ligt. Je kunt alle kanten opgaan vanuit hier en de eerste 150 km is niks. Natuur en wildernis. Het dorp bestaat uit een paar winkels, een park, speeltoestellen, kunst in de middenberm en alleen de doorgaande weg is verhard. Ogenschijnlijk een gewoon dorp. Maar opvallend weinig reuring op straat. Een klimaat om binnen te leven. Een winkel kun je amper aan de buitenkant herkennen: deur dicht, kleine deuren en ramen en weinig licht dat naar buiten schijnt. Alleen het altijd aanwezige neonbordje “abierto” geeft aan dat het een winkel is en dat t’ie open is. De enige supermarkt heeft een verrassend groot assortiment.  Een vriendin van de campingbaas vertelde dat de inwoners erg op zichzelf zijn en een gesloten gemeenschap vormen. De mensen komen amper uit hun eigen bubbel. Behalve de campingbaas dan vertelde ze, hij is open en praat graag. Je moet ook wel uit speciaal hout gesneden zijn denk ik wil je in zo’n geïsoleerde gemeenschap wonen. We verlaten de bebouwing en gaan op weg naar Lago Cardiel, een wonderschoon groen/blauw gletsjermeer.

Laguna Cardiel

We vinden er een bushcamp, lekker uit de wind tussen kleine zandduinen. Weer zijn we helemaal alleen. 's Nachts bijna volle maan en het is een plaatje buiten. Toch maar snel in het mandje.

 Je ziet hier op veel plekken langs de weg grote blauwe borden met de tekst dat de Falklands bij Argentinië horen. De eilandengroep ligt op deze hoogte voor de kust, hier zo’n 450 km hemelsbreed vandaan. Op heel veel plekken wordt de aandacht gevestigd op Las Malvinas. Een lagere school kan de naam hebben: Heroes de Las Malvinas, eider dorp heeft haar muurschildering en zelfs een geldbiljet heeft de afbeelding van de eilandengroep. Opdat we niet vergeten. Even worden we op het verkeerde been gezet. Hoe zat het ook alweer met The Falklands?

Las Malvinas bordGeldbiljet van 50 pesosMuurschildering Malvinas

In 1982 ontketende General Leopoldo Galtiere de oorlog tegen Groot Brittannië om de winst van Islas Las Malvinas (the Falklands). Om aan de macht te blijven in een kwakkelend Argentinië, leidde hij de aandacht af en deed een beroep op de nationalistische gevoelens van de burgers. Met de invasie wilde hij de Britten verdrijven van de eilanden die Argentinië al 150 jaar als de hare beschouwde. De nationale euforie duurde een week tot de Argentijnen zich realiseerden dat The Iron lady (Margareth Tatcher) geen muurbloempje was en hard terugsloeg. De Britten reageerden, zoals bekend door hun oorlogsvloot en een goed getrainde Marine te sturen. Deze ongelijke strijd eindigde na 74 dagen en the Falklands bleven Brits. In de harten van de Argentijnen echter zijn en blijven de eilanden Argentijns. Las Malvinas voor altijd hun trots en de strijders uit 1982 Helden. Niet iets om grappen over te maken.

Buque Marjorie Glen

We hebben nog aan de kust gekampeerd bij “buque Marjorie Glen”. Een scheepswrak met een monument ernaast voor de soldaten die gesneuveld zijn (600) in de Falkland oorlog. Het wrak is een Iers schip dat in 1911 is vergaan en ten tijde van de oorlog gebruikt werd als oefen materiaal om heel laag over vijandelijke schepen te vliegen. Mooie plek. Overdag een paar dagjesmensen en ’s nachts niemand meer. De Argentijnen zijn geen watjes. Zij  hebben op zondag hun dagje uit en gaan buiten zitten tegen het monument of het schip aan, uit de wind op hun klapstoeltje. Met de eeuwige thermosfles mate-thee. En wij zitten binnen….ook genietend.

De kogel is door de kerk, een droom gaat in vervulling; we gaan op cruise naar Antarctica! Nou ja cruise is misschien  een erg groot woord: we schepen in op een omgebouwd expeditieschip met plaats voor 80 passagiers. De afgelopen maanden heb ik me gestort op het Zuidpool-aanbod en ben ik me in de mogelijkheden gaan verdiepen. Ik informeerde bij anderen, kreeg nieuwsbrieven en struinde het internet af. In december begint het hoofdseizoen dus dan schieten de prijzen omhoog. Waarmee een trip met de Kerst afviel. Het type schip, welke tocht en hoelang, er was van alles te kiezen. Zo'n kleinere boot gaat dieper de fjorden en inhammen in maar ligt ook minder stabiel. The Drake Passage moet overwonnen worden en daar spookt het vaak. Men noemt het de Drake Shake....Hoge golven. 2 dagen duurt die passage en dan komt het 7e continent in zicht. Er staan dan 2 maal daags "landings" (aan land met rubber vlotten) gepland om voet op Antarctica te zetten en excursies te maken. Gaat een groot avontuur worden, reuze spannend. 12 november gaan we aan boord van de MV Ushuaia. De volgende blog hoor je er meer van!

We hebben dus de tijd om in ons eigen tempo op ons gemak naar Ushuaia af te zakken om op tijd aan te komen!

Na Lago Cardiel buigen we af, de Andes en de wind weer in de rug. Soms waait het zo hard dat ik mijn hele gewicht in de strijd moet gooien om het portier van de bus onder controle te houden. Een deur tegelijk open anders vliegt de inhoud van de cabine over de pampa!

Aan de kust in Rio Gallegos , een middelgrote stad gaan we, om te beginnen naar een zaak die koelkasten kan repareren. Dat eerst maar ‘s proberen. Een nieuwe kan altijd nog en zal ingewikkeld zijn: 12 volt en de maat die moet passen. Bert loopt met de monteurs mee naar binnen en komt in een, zoals het lijkt, ontplofte werkplaats terecht. Overal ligt alles en er wordt een tafel schoongeveegd om onze koelkast op te plaatsen. Leidingen worden doorgeknipt en het gas spuit door de ruimte. “No problemo” zegt meneer.

koelkast werkplaats

Later zit ik bij moeder de vrouw in de keuken. Zij praat erg graag en ik versta de helft maar dat is voor haar geen probleem; een luisterend oor is genoeg. Mevrouw is van Italiaanse afkomst, haar grootouders waren Italiaans, roots die veel Argentijnen hebben. Kinderen en kleinkinderen passeerden de revue evenals  Paises Bajos en Argentina plus de wereldpolitiek (oorlogen). Mijn concentratie liep ten einde en ik ben met een smoesje terug naar de bus gegaan. Om te wachtten tot de monteurs en Bert de koelkast weer terug kwamen  plaatsen. Heel fijn dat het ding gerepareerd kon worden. Iets met nieuw gas erin en een nieuw filter. Hij bromt weer als de beste. Ik denk dat hier eerder iets gerepareerd wordt (gelukkig) dan iets nieuws aan te schaffen. Alles is zo ver weg.

We zijn hier een dag extra gebleven vanwege de harde storm. De wind rondom de auto maakte tijdens de korte afstand naar een overnachtingsplek zoveel herrie dat het leek alsof we in een vliegtuig zaten. Even naar de bakker en ik werd bijna uit de schoenen geblazen. Jeetje. Alles waaide over straat en niks was veilig. De dag in Rio Gallegos goed besteed door een heerlijke douche te nemen bij een nieuwe moderne benzinepomp met dito douche. Wat een luxe, zelfs met vloerverwarming. Toen ik de buitendeur wilde openen kwamen er meteen 2 mannen aangesneld omdat ik de deur niet kon houden. Pfff wat een weer. Daarna naar de kapper. Even zoeken en we kwamen bij een donkere zaak met een alleraardigste tatooboy. (Jonge)mannen hebben hier allemaal hetzelfde kapsel (in heel Argentinië!). Boven de oren , rondom een baan met de tondeuse zodat je een soort muts van dik zwart haar bovenop overhoudt. De tondeuse- baan is vaak versierd met ingeschoren figuren. Gelukkig kon Bert hem tegenhouden en knipte hij zijn haar weer netjes in een gewoon modelletje op de maat van opzwepende muziek. Hij wilde de punten bij mij ook wel even bijknippen, hoewel hij eigenlijk alleen seňores doet. Als nieuw lopen we naar buiten de wind in. Daar gaat onze coupe!

Net voor de grens met Chili bezoeken we nog Laguna Azul, een vulkaanmeer.

Laguna Azul

We blijven 2 nachten en maken een fijne wandeling. Op de parking ontmoeten we 2 Zwitserse stellen. Een koppel, Maurits en Layra hadden we begin van de maand als eens gesproken en nu arriveerden daar ook Werner en Karen. Allemaal tegen borreltijd bij ons in de bus. Paste net en was bere-gezellig. We gaan allemaal richting zuiden dus zullen we elkaar nog wel eens zien. We rijden een soort trechter in, want alle overlanders en andere reizigers die richting zuiden gaan, rijden allemaal door tot het einde van de wereld. Tot de allerzuidelijkste stad; Ushuaia.

Ushuaia (Argentinië) ligt op Tierra del Fuego, om daar te komen moeten we een stuk door Chili.; Argentinië wordt dus even onderbroken. De straat van Magelhaen scheidt Vuurland van het vaste land (Patagonië). Vuurland is een groep van honderden eilanden waarvan het grootste Isla Grande is. Het enige eiland dat intensiever ‘in gebruik’ genomen is. Er ligt een handvol kleine dorpen en een paar grote estancia’s die met elkaar verbonden zijn door gravelwegen. Het Grote Eiland is voor 2/3 Chileens en 1/3 Argentijns.

Kaart Patagonie en Vuurland

Op de foto zie je de onnatuurlijke grens die als een kaarsrechte lijn dwars over Isla Grande loopt. Landschappelijk gezien is Vuurland een voortzetting van het vaste land. De ruige bergen in het westen zijn een voortzetting van de Andes en de boomloze Vuurlandse steppe in het noorden en oosten een vervolg van de Patagonische steppe. In het zuidwesten is Vuurland, rond Ushuaia dicht bebost. De bewoners van Vuurland, Chileens en Argentijns  noemen zich Fueginos en geen Patagonicos want bij de straat van Magelhaen vindt men dat Patagonië eindigt.

Op 23 oktober zijn we de grens met Chili over. De Chilenen willen niet dat je vers fruit, groente of vlees en nog een hele waslijst mee het land in neemt. Omdat het land geïsoleerd ligt, ingeklemd tussen de Atacama woestijn in het noorden, de bergketen  in het oosten en de oceaan in het westen en zuiden, is men bang voor uitheemse ziektes. Dus de dagen voor dat we de grens overgaan, eten we aan de Laguna de koelkast en groente-la leeg. De kaas smokkelen we mee. Net over de grens ligt een klein vulkanisch Nationaal park “Pali Aike”.  Daar gaan we heen. In het eerste dorp over de grens, 30 km voor de afslag naar het Park, willen we wat boodschappen doen  want we hebben niks meer! Daar in Villa Punta Delgada kunnen we niet veel kopen. Het is een erg klein dorp dat erg ver weg van alles is. Dus flansen we macaroni in elkaar met alleen een reuze ui, wat ham en kaas. En morgen trekken we uit onze eigen voorraad een blik bruine bonen. Ui erbij, kruiden en de buik raakt welweer gevuld. De winkel had bijna niets maar wel de nationale drank: Pisco. Natuurlijk een flesje gescoord en straks maar ‘s proeven.

Na het Vulkanische park waar we ook weer de Nederlanders Cock en Roelien tegenkomen, rijden we verder. Na gezellig  met elkaar gebuurt te hebben in de bus. Buiten waai je nog steeds, of alweer, bijna weg.

We rijden niet rechtstreeks naar het uiterste zuiden maar maken een kleine omweg via Punta Arenas. Daar zijn we in 2009 ook geweest maar niets herinnert ons aan een eerder bezoek behalve de teen van Magelhaen.

Magelaen monument

De Portugese zeevaarder en ontdekkersreiziger Ferdinand Magelhaen leefde van 1480 tot 1521. Hij vond niet alleen de doorgang van de Atlantische naar de Grote Oceaan, hij leidde ook de eerste zeilreis rond de wereld. Deze held heeft een groot standbeeld in Punta Arenas en om hem heen zijn inheemse mensen uitgebeeld. Eentje hangt met zijn voet naar beneden en als je die teen wrijft of kust kom je volgens de legende terug in Punta Arenas. Dat is ons dus gelukt, haha. De bronzen teen glimt ervan! We hebben verder nog wat door de stad gedwaald en heerlijk in een restaurant typisch Chileense kost verorberd. We overnachten op de piepkleine parking van een hostel in de stad. De volgende dag het grote kerkhof bezocht waar een speciaal standbeeld als eerbetoon aan de Indiginous people staat (de uitgeroeide Selk’nam indianen). Dit grafmonument van ‘de onbekende Indiaan’ beeldt een inheemse man in brons uit . Rondom het beeld zijn ingemetselde tegeltjes met bedankjes van mensen. Hij zou wonderbaarlijke krachten bezitten en ook hier is de gewoonte om zijn voet of hand te wrijven.  De begraafplaats dateert uit 1894 en doet aan als een dorp. Het herbergt een mix van omheinde kapellen, rijk bewerkte graftombes, indrukwekkende mausoleums en  gewone bescheiden graven . De meesten zijn mooi onderhouden, ook al zijn ze soms bijna een eeuw oud. Langs de rechte paden staan strak getrimde cipressen.

Monument van de onbekende IndiaanEenvoudige graven

Vanuit Punta Arenas nemen we de ferry naar Porvenir . We steken in een kleine 3 uur de Straat van Magelhaen over en zijn op Tierra del Fuego. Tegen de verwachting in is het weer zachter evenals het landschap met haar groen glooiende grashellingen. Tja en die wind…. Die blijft waaien! ‘Straks’ als we weer noordwaarts gaan, richting zon en blote voeten… Maar eerst nog even “afzien” en uitzien naar ons Antarctische avontuur.

In Porvenir kopen we voor 2 dagen verse groente en fruit. Het stadje met zo’n 5000 inwoners is de hoofdstad van Isla Grande.  Twee dagen om dit Isla  te doorkruisen en ons verse spul op te eten. We volgen de enige weg,  vlak langs de kust. Prachtig om de hele tijd de Straat met haar golven  in het oog te hebben met in de verte als decor de contouren van besneeuwde bergen. We vinden een mooie plek op het strand. Bert maakt nog een wandeling en zoals verwacht: Sil de strandjutter komt terug met een flink stuk dik touw. “Dat nemen we mee. Je weet maar nooit”. 

Sil de Strandjutter

                                                                        Zowel Patagonië als Vuurland geven telkens weer maximaal betoverende vergezichten prijs. De gravelweg slingert door het wonderschone landschap waar schapen met hun lammeren (eentje per ooi is hier gangbaar) en guanaco’s voor leven in de brouwerij zorgen. Tot aan de grens. Land in land uit, van Chili naar Argentinië en van Argentinië naar Chili. Dat doen we nog  wel een paar keer  de komende maanden omdat je soms in Chili niet verder naar het noorden kunt omdat de weg niet doorloopt: Water, fjorden, ijs, bergen.

Het is een prachtige avond, zelfs bijna windstil aan het laguna Blanca waar we weer een fantastisch plekje vinden.

De avond valt aan Laguna Blanca

Een mooie afsluiter  van deze maand en voor nu is het ‘verhaal uit’. Ook Bert wenst jullie welterusten.

zwaai

Marianne xxx

Foto’s

13 Reacties

  1. Mirjam:
    2 november 2024
    Wat weer een heerlijk verhaal van jullie avontuur.
    En wat gaaf dat jullie naar Antarctica gaan.
    Hier alles goed met ons.
    Liefs van Harry en Mirjan
  2. Janny:
    2 november 2024
    Dank voor dit heerlijke verslag van jullie reis - je geeft me het gevoel ook op reis te zijn. De wind blaast liefs van hier voor jullie mee. De wereld boft met reizigers als jullie. Liefs.
  3. Adri:
    2 november 2024
    Prachtig verhaal weer, en zo fijn dat we zo met jullie mee kunnen reizen en genieten Wees een beetje lief voor Antarctica , want ik lees hier dat men niet zo blij is met al die toeristen, maar voor nu : Geniet er van , die kans krijg je maar één keer .Groetjes van ons uit Druten
  4. Hannie en Thijs:
    2 november 2024
    Het zindert en ontroert tegelijkertijd. Het is om te smullen en bij weg te smelten.
    Het leest om niet te stoppen verder te gaan met jullie mee. Je voelt de wind bij het kippenvel. Op naar Antarctica!
    Trots op onze vriendschap, veel liefs Hannie en Thijs
  5. Jan:
    3 november 2024
    Indrukwekkend geschreven. Je moet toch een studie maken van je reis om het zo te kunnen beschrijven.
    Groet, ook van Sini.
  6. Hoekie:
    4 november 2024
    Wat een mooi en indrukwekkend verhaal weer Marianne.
    Ben heel benieuwd naar jullie. ervaringen op Antarctica!
    Lieve groet van ons beiden
  7. Marijke:
    6 november 2024
    Hoi Marianne en Bert, wat mooi om weer deelgenoot te kunnen zijn van jullie leven. Prachtig verslag en prachtige foto's! Prachtig touw Bert, wie weet wat je er nog mee gaat trekken??
    Op naar Antarctica, goede reis en geniet verder van al het moois, lieve groet Marijke 🌷
  8. Thijs van Beem:
    6 november 2024
    Mooie belevenissen weer. Het vertellen ober en het beschrijven van het geweldige landschap en de natuur. Boeiend en beeldend.
    Maar ook het zelf fixen van de reparatietjes aan de camper zijn leuk om te lezen !
  9. Gé:
    7 november 2024
    Naast de dagelijkse avonturen wacht jullie weer een nieuw avontuur met jullie trip naar Antarctica. Dank voor het mooie verslag. Succes bij het passeren van de Drake Passage. Het kan daar flink spoken dus een pilletje tegen zeeziekte is mogelijk niet overbodig. Dat is mijn ervaring. Ik heb de Ushuaia gevonden op de app van Marine Traffic, dus ik kan de locatie van jullie schip volgen. Geniet van jullie trip naar Antarctica.
  10. Anja:
    7 november 2024
    Wat een prachtige trip zeg....een met de natuur..heerlijk om hier deelgenoot van te zijn..en mijn kennis is ook weer bijgespijkerd. Op naar Antartica!!
    Liefs Anja
  11. Giel:
    10 november 2024
    Marianne en Bert: 'wat een onbeschrijfelijk mooie reis', die jullie maken.
    Hartelijke groeten,
    Giel
  12. Angelique:
    11 november 2024
    Wederom prachtige verhalen....indrukwekkend wat jullie allemaal tegenkomen en beleven....alhoewel ik blij ben dat ik niet door die wind hoef te gaan. Kan me voorstellen Marianne dat je blij was dat Bert 's nachts de bus een stuk had verplaatst.
    Op naar het volgende avontuur op Antarctica......heel benieuwd naar de verhalen die komen.
  13. Jeanette vBV:
    11 november 2024
    Ook ik heb vanavond jullie verhaal uitgelezen.
    (Het doet me veel denken aan de Floortje Dessing avonturen)
    Morgen start het grote Antarctica avontuur….
    Ga ervan genieten, zo bijzonder.