Een groene waas.
1 september 2024 - Córdoba, Argentinië
We zijn nog steeds in Oeroegwaj, met de klemtoon op de laatste lettergreep. Zo klinkt Uruguay. Lekker zwierig dat past bij de vrolijke ongecompliceerde inwoners van dit mooie land.
Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen. We hebben ons gedragen als echte gaucho en gaucha! In het noorden van Uruguay, tegen de grens met Brazilie verblijven we op een 'working ranch' in de Sierra de Lunarejo. De boerderij, of Estancia zoals die hier heet, wordt gerund door vader David met zijn echtgenote en de 2 volwassen dochters Paula en Natalie. De estancia beslaat zo'n 150 hectare waar koeien, paarden, een paar schapen en kippen worden gehouden. De oudste dochter Natalie runt ook de toeristische tak van het bedrijf. Maar stel je daarvan niet teveel voor. Je kunt er overnachten in je eigen accomodatie of een van de 3 kamertjes huren. Alles in rustieke, lees eenvoudige stijl. Maar wel in een prachtig rotsachtig en heuvelachtig gebied in de provincie Rivera. David, de campesino heeft plm. 40 volwassen koeien van zichzelf en zo'n 20 pinken in de opfok van een andere boer. Er zijn 30 paarden. De dochters hebben er een paar en hij zelf en ook de kleindochter van 3 "bezit" reeds 2 paarden.
Met de dochters zijn we 's morgens het veld ingetrokken om een paar pinken naar huis te drijven. Wij ook te paard natuurlijk. De onmisbare "koeienhondjes" gaan ook mee. Door de uitgestrekte landerijen gaan we, heuvel op en af. Slootje in en uit of erover heen. Er zijn veel dichte bossages waar wij niet doorheen kunnen maar de honden wel. En de pinken ook. Die worden er door de honden uit gedreven en dan verder door ons opgedreven richting huis. Met gejoel en omtrekkende bewegingen en met behulp van de honden sturen we ze de goede kant op. We zijn hard aan het werk! Oh, ja, zo'n paard sturen viel me nog tegen. De paarden worden hier "Western Style" gereden. Je houdt beide teugels in 1 hand met je vingers naar boven. Rechts af door je hand royaal naar rechts te doen. Is ff wat anders en mijn automatisme (2 handen rechtop wordt gecorrigeerd.
Een van "onze" koeien is ziek. Zij moet naar de boerderij om medicatie te krijgen. Onderweg blijkt ze zo verzwakt dat bij het zoveelste slootje de koe er zelfstandig niet meer uit komt. Zie filmpje.
Wij wachten terwijl Paula en Natalie het beest eruit sleuren met hulp van 1PK. De honden proberen ondertussen ook hun steentje bij te dragen door de vermoeide in de sloot liggende koe voortdurend zachtjes in zijn achterpoten te bijten. Wij hoeven even niets te doen, zou maar lastig zijn denk ik. We kijken toe.
Heerlijk is dat vertrouwde gevoel van op een paard zitten. Op een berg van schapenvachten is het comfortabel en stevig. Het zadel bestaat uit 2 dikke leren stegen (zadelkussens) aan elkaar geregen met een stevig leren koord. Singel erom. Vachten erop, weer een singel met beugels. Nergens gespen alles wordt aangesnoerd met leren repen. Laatste vacht erop en gaan.
Op het erf lopen ook 6 honden. Op veel erven lopen trouwens veel honden, minstens 5. Veel lopen er los, op de vaak omheinde erven of ze liggen aan de ketting. Bij David liepen de koeienhonden altijd los en de rest zat 's nachts in een ren en eentje aan de ketting. Vlak bij onze bus. Deze leuke hond had afgeknipte oren, gewoon het bovenste stuk eraf! Toen ik vroeg waarom dat was, kreeg ik als antwoord dat dat hier mooi gevonden wordt en zo hoort bij dit Uruguyaanse hondenras.
Dagen later op La Chackra Holandesa met de vrouw des huizes, Marieke en de plaatselijke hoefsmid/ dierenarts ook nog een rondje gemaakt op een van hun paarden. Ik ben weer helemaal content.
De niet- paarden mensen kunnen nu weer ademhalen. Maar paarden en Uruguay zijn wel onlosmakelijk met elkaar verbonden. Gewerkt wordt er hier op alle boerderijen met hun paarden en honden. Prachtig en noodzakelijk. Hoe het boerenleven ooit bedoeld was...
We rijden naar de stad Artigas, de meest noorderlijke grensovergang met Brazilie. De stad is vernoemd naar "de vader" van Uruguay. In Montevideo bezochten we zijn Mausoleum en we bewonderden al verschillende standbeelden. Natuurlijk staat er in deze stad ook een standbeeld en wel op een roze marmeren sokkel. Die hoewel een beetje gehavend toch de moeite waard was. In de buurt gaan we overnachten op een Municipality. Een vrijetijdspark met zwembaden, voetbalvelden en veel vrolijk geschilderde betonnen zitjes met bij elk zitje een gemetselde bbq en de mogelijkheid om in de motorhome te overnachten. Het park is in de winter (nu dus) gesloten maar desondanks was het hek open en heette de bewaker/ onderhoudsman ons welkom. Er was gewoon warm en koud water en we konden staan waar we wilden en omdat het "gesloten" was kostte het niets.
Midden op het terrein ligt een meteoriet, met een bordje erbij dat de gigantische steen miljoenen jaren geleden uit de hemel is komen vallen. Aan deze gekleurde steen ontleent Het park haar naam: La Piedra Pintada. Helaas bleven de kleuren wat onderbelicht door een gebrek aan zon.
Op onze rondreis door Uruguay kan een bezoek aan warmwaterbronnen niet ontbreken. Er zijn er hier verschillende. Wij bezochten die van Arapey. Arapey is een dorp met 180 inwoners die allemaal in dienst zijn van de thermale baden. Er zijn 5 baden, van open tot half open, en helemaal overdekt waarin het net lijkt op je in een kas zit, met weelderige begroeiing. Mensen zitten voornamelijk in het water, er zijn zelfs onder water stoeltjes gemetseld. Ieder bad heeft water van 38 graden. We hebben alle baden verkend en wat gezeten en gezwommen en we zijn weer schoon. Het vakantie oord is mooi gelegen in de oksel van de rio Arapey Grande, een zijrivier van de enorme rio Uruguay. Deze laatste is een belangrijke Zuid Amerikaanse rivier met een lengte van bijna 2000 km en ze stroomt van het noorden naar het zuiden. De rivier fungeert als natuurlijke grens tussen Argentinie en Brazilie en tussen Argentinie en Uruguay. Ze mondt hier, bij Atlantida waar we op La Chacra Holandesa kamperen, uit in de Rio de la Plata die in de Atlantische oceaan stroomt.
Het Thermale ressort heeft vakantiehuisjes, een hotel en natuurlijk een campingarea. Dezelfde inrichting met zitjes en bbq's. Er stond slechts een handvol campers en wij telden alleen al rondom onze plek 2 maal 18 bbq's. Ons kleine stoofje annex bbq is een lachtertje; daar wil je niet mee gezien worden.
Enorme vleeseters zijn de mensen hier. Een asado (bbq) bestaat uit hele grote stukken goed rundvlees of worsten in alle soorten en maten. Een speklap van een varken is 10 x duurder dan een biefstuk. Zoals Bert al schreef wonen er in dit land, dat 4 keer zo groot is als Nederland, ruim 3 miljoen mensen en er leven 4 keer zoveel runderen dan mensen. 80% van het gehele land is weiland. Reken maar uit: ieder dier heeft minimaal 1 hectare om te grazen. Het vlees van deze koeien van de pampa's word geroemd om de malsheid en rijke smaak. Naast alle 'gewone'boeren zijn er ook enkele openlucht megastallen (die we in het westen van het land zagen, tegen de grens met Argentinie) en zijn biologische boeren wiens koeien niet worden bijgevoerd. Het menu bestaat uit gras en water.
De belangrijkste exportprodukten zijn dan ook vlees en wol.
Wijnbouw neemt de 4e plaats in van de economie van het continent. Vooral de tanat uit het zuiden van Uruguay is niet te versmaden en we hebben inmiddels een doosje van 5 liter met zo'n handig kraantje aan boord.
Op de camping van Jan en Marieke hebben we ook met z'n allen zo'n asado-avond gehad. Een salade of zo is erg Nederlands...Een stokbroodje erbij oke met, wat ook erg lekker was, gesmolten kaas. Dan doe je blokjes kaas en wat kruiden in een aardewerken schaal met allemaal kuiltjes (een soort poffertjes pan maar dan met kleinere holletjes) en dat op het rooster. Mmmmm de gesmolten kaas op een stukje brood en smullen. Wijntje erbij en laat ons maar schuiven.
We koersen verder door het land en zoeken wat bezienswaardigheden onderweg. De vermelding op de kaart van de Nationale bezienswaardigheid "Tres Arboles" zet ons op het verkeerde been. Nergens anders dan op onze wegenkaart kon ik hier trouwens iets over vinden. Ik ging ervan uit dat het een natuurgebied was; arbole is immers boom. Via een lange binnendoor weg in de middle of niks en ondertussen onder de blub gaf de navigatie aan dat we bijna bij het ingegeven punt zouden zijn. Niks bos, niks 3 bomen. Doemt er opeens een soort piramidevormige obelisk op. Dit moet het toch zijn dan?! Verweerd, onkruid, modder en een roestig hek er omheen. Op slot. Het monument blijkt, nu we op 'monument' zoeken te danken aan een veldslag om 3 bomen uit een grijs verleden. Zullen vast belangrijke bomen zijn geweest... Geen bordje. Het monument was ooit strak wit zien we op internet.
De volgende dag zakken we verder naar het zuiden en komen in de buurt van de "Grottas del Palacio". De naam zegt het al, "zullen we 's gaan kijken?" zeg ik tegen Bert. Dat doen we. Blijkt gesloten en de website noemt allerlei verschillende openingsdagen. Tja, kan verkeren, we kunnen het vast missen en dus door.
Gewoon langs de Ruta 3 op een paar kilometer voorbij Trinindad hebben we eindelijk onze bezienswaardigheid met het "Zoologico del Futuro".
Deze artistieke expressie wordt de dierentuin van de toekomst genoemd. In 1991 onthuld en de enigste in zijn soort in Uruguay. De 13 sculpuren van ijzer symboliseren de gevaren voor de oorspronkelijke fauna veroorzaakt door menselijke onverantwoordelijkheid. De artiest Martin Arregui wil met zijn kunstwerk het bewustzijn vergroten over de invloed van de menselijke macht over de planeet en voorkomen dat de dierentuinen in de toekomst deze koude en droevige uitdrukking van een stilleven zullen zijn. Hij heeft alles bij elkaar gebracht in een groot figuur dat de zon, maan en sterren moet symboliseren met eromheen de figuren van dieren (zoals: slak, hert, haas, patrijs, uil, capibara, duif, eend, vos). Iedere sculptuur is verbonden met de aarde en laat een gereedschap zien, een hulpmiddel voor elk beeldhouwwerk.
Toch nog mooi ff meegepikt, deze culturele expressie.
Het voelt een beetje als thuiskomen als we naar een paar weken weer terug komen op Camping La Chacra Holandesa. Bekende mensen, bekende grond, bekende omgeving. We voelen ons vertrouwd, kennen de weg en gaan op zaterdag weer lekker met de fiets naar de markt. Op de terugweg lekker langs de kust, die is hier prachtig; zo'n wit zand en mooie vergezichten. Te koud. Dat is wel jammer.
Wat we nog niet hadden bezocht de vorige keer dat we hier waren was de kerk in 'ons' dorp. Deze kerk is in 2021 uitgeroepen door UNESCO tot Werelderfgoed. Dus daar kun je niet aan voorbij blijven gaan. De fiets af en de Iglesia de Cristo Obrero y Nuestra Senora de Lourdes (Kerk van Christus de Arbeider en Onze Lieven Vrouw van Lourdes) bezocht. Het bouwwerk hadden we natuurlijk allang gezien, het is architectonisch erg opvallend.
De kerk heeft golvende binnen- en buitenmuren en ondersteunen een vergelijkbaar golvend dak. De hoge 'dunne' cilindrische toren staat een eindje van de kerk af die we zijn vergeten (sic) te bezoeken. Deze laat een opengewerkt metselwerk zien. Binnen in de kerk hangt een bijzondere versie van Jezus aan het kruis. Doordat het beeld ook 'opengewerkt' is, ziet het er wat luguber/ skeletachtig uit. Verder is er nauwelijks versiering in de kerk en doen de vormen je verstillen.
De Ingenieur Eladio Dieste is de architect van deze sobere moderne architectuur en bouwde de kerk in 1958-1960. Het belichaamt de, destijds actuele zoektocht naar sociale gelijkheid met een sober gebruik van hulpbronnen maar met groot esthetisch affect. Prachtig in haar eenvoud.
Na een paar dagen zeggen we Atlantida en La Chacra Holandesa opnieuw vaarwel en beginnen aan een nieuw hoofdstuk. Zo voelt het na ons verblijf bij Jan en Marieke en Jochem (een gestrandde overlander die er is blijven plakken) en na ons tripje dwars door Uruguay heen, "om de tijd te doden" de winter door.
We zijn weer op weg en rijden langs de Rio del Plata om te overnachten op de mooiste plekjes aan deze rivier, die als een zee aandoet. Als de rivier stroomopwaarts langzaam versmalt wordt het de rio Negro. Die hebben we natuurlijk vaker gezien! Als eerste in Brazilie, daar waar de Amazone rivier en deze Negro samen komen. Opvallend zijn wel de vele dode vissen op het strand en de oevers. Navraag leert ons dat de vissen dood gaan en aanspoelen omdat het water in de rio Negro te koud is. 0 Graden Celsius. Beetje raar, dus we vragen het aan meer mensen maar de uitleg blijft hetzelfde. Vreemd gezicht.
De rio Uruguay met aan de overkant Buenos Aires. We zijn in Colonia del Sacramento en bij helder weer, dat is het vandaag! kun je 'het Parijs van Zuid Amerika' zien liggen. Colonia is ook opgenomen op de UNESCO werelderfgoed lijst. Het is de oudste stad van Uruguay; gesticht door Portugezen (1680) en later overgenomen door de Spanjaarden en vervolgens nog door Brazilianen. Het oorspronkelijke gedeelte wordt gekenmerkt door ongestructureerde op het terrein aangepaste smalle straten uitgebreid met het Spaanse gedeelte met haar brede calles en koloniale gebouwen.
We overnachten aan het einde van een soort boulevard, aan de rivier, op de parking van het oude centrum. We genieten vanuit onze bus van een prachtige zonsondergang en zien heel in de verte de lichtjes van Buenos Aires. We blijven 2 nachten en hebben geslenterd door de oude straten met kinderkoppen, een museum bezocht, kerk gezien en een terrasje gepikt. Zoveel terrassen als hier zijn, zijn er in heel het land niet. Erg toeristisch maar nu, op een mooie winterdag zo goed als uitgestorven.
We volgen de rivier verder stroomopwaarts. Uruguay ligt (ook) tussen el mar (zee) en el rio (rivier) en voor de inwoners hun beloofde land.
Vlakbij de stad Fray Bentos staat een oude vleesfabriek (1865-1975). Wie kent de OXO bouillonblokjes of de vierkante blikjes met corned beef niet? Of zelfs de naam Fray Bentos? Deze oude fabriek, waar 4500 mensen werkten (3 shifts van 1500 mensen per dag) uit 60 verschillende landen, ook mensen uit Nederland grepen hier hun kans voor een betere toekomst, is nu een museum en sinds 2015 UNESCO werelderfgoed. Waarmee we alle erfgoederen van Uruguay (3) bezocht hebben!
De oprichter, een Duitser (chemicus, filantroop en gefortuneerd) was mijnheer Justus von Liebig (1802-1873) intresseerde zich met name voor ontwikkelingen die ten goede kwamen aan de mensheid. Een van zijn belangrijkste uitvindingen was het vlees-extract. In 1863 greep hij zijn kans. In het gunstig gelegen Fray Bentos zag hij ontwikkelings mogelijkheden. Ideaal, gelegen aan een rivier in een land dat 4 keer zoveel koeien heeft dan mensen en ruimte in overvloed ontwikkelde hij zijn fabriek. Liebig Extract of Meat Company werd in de Westerse wereld een succesnummer en het voedzame vleesextract hielp soldaten de oorlog door.
Ook de ingeblikte vleesproducten waren voor de export want de mensen hier eten alleen vers vanwege de overvloed aan vlees. In 1975 heeft de fabriek haar productie beeindigd toen de vraag naar ingeblikt vlees een aflopende zaak werd.
In de hoogtij jaren werd er een enorme hoeveelheid rundvlees verwerkt en ingevroren. Per 8 uur werden er 1600 koeien geslacht... Het hele dorp wat was ontstaan rondom de fabriek werkte, woonde, sportte, ging hier naar school of naar de dokter. Jaren eerder dan de inwoners van Montevideo hadden de mensen hier al stroom en dus elektrisch licht (opgewekt voor de fabriek).
De rondleiding begon 's middags om 15 uur, wij waren de enigste 2 bezoekers en 2 gidsen, zij hielpen elkaar om ons in een mix van engels en spaans een indruk te geven van het leven en werken op het terrein. De wandeling voerde ons over een deel van het immense terrein met allerlei verschillende hallen. Als eerste bezochten we de machinekamer met machtig grote machines om amoniak te maken voor de vriezers van - 20 graden. Daarna langs ondersteunende diensten als de wasserij. De gang door waar aan het einde het vee werd verzameld. Uiteindelijk belandden we in de slachtruimte met oude werktuigen. Terwijl we daar doorheen liepen werd er een muziekanimatie aangezet. Brrrr die combinatie van geluid en de lege hal daar heb je geen voorstellingsvermogen voor nodig.
Indrukwekkend. Wat een complex. Gevaarlijk werk en een hard leven voor mens en dier.
Het kantoorpersoneel zat er in 'de kantoortuin' beter bij. Geflankeerd door de luxe directeurskamer. De beide gidsen hebben ons een mooie inkijk gegeven in het leven op het fabrieksterrein en haar enorme capaciteit. Wat we er van vonden? Belangrijk om te zien, weten en bewust te zijn hoe het er vroeger (en hoe gaat het nu?) aan toe ging. Het maakte veel indruk.
We blijven de rivier volgen en slaan ons kampement op aan het water in het gehucht Nuevo Berlin. Niks duits aan. Wel gezelschap van 2 erg leuke honden die de 2 dagen en de lange wandeling hier niet van onze zijde weken. Dat maakt het gemis aan een hond telkens weer een beetje goed.
De laatste stop voor de grens met Argentinie is in Salto op een Camping Municipal. Deze gemeentelijke campings zijn gratis en ieder zichzelf respecterende stad/dorp heeft er een. Vol zitjes van cement in alle kleuren die als engelse drop lijken rond gestrooid in de vaak immense parken met heel veel bbq/s. Het sanitair op deze plekken is vaak nogal verouderd/ toe aan renovatie met deuren die niet op slot kunnen, waarvan het slot ontbreekt of zelfs de hele deur er niet meer is.... maar met stromend water en schoon.
Ook leuk, er zijn 3 soorten wc/s te onderscheiden: een soort frans toilet (alleen bij de mannen gezien), een wc zonder bril (cowboy style) en eentje met bril van foam (zucht) of hard plastic (met soms scheurtjes! auw).
De grens tussen Uruguay en Argentinie loopt midden door de rio Uruguay en de formaliteiten worden aan de andere kant van de rivier op Argentijnse grond lekker vlot afgewerkt. Zowel het ene land uitstempelen als het andere instempelen gebeurt in hetzelfde gebouw.
In het begin is het altijd weer even wennen in een nieuw land. Men spreekt dan wel Spaans maar net weer wat anders, we zoeken weer nieuwe winkels en leren de verkeersregels en andere gewoonten. We merken al gauw dat je beter wijn kunt drinken dan koffie. Niet alleen omdat de eerste veel goedkoper is en in overvloed verkwijgbaar. We moeten met bril op (!) boodschappen doen want de koffie (als je die eindelijk gevonden hebt) is hier "con azucar", met toegevoegde suiker. Dat staat in de kleine lettertjes ergens op de verpakking vermeld. De weinige koffie staat, naast wijn ook in schril contrast met het aanbod van "mate". Mate, de bittere thee, is er in een heel grote sortering. Vrijwel iedereen loopt met een thermosfles en zo'n typisch bekertje met ijzeren 'rietje' rond. Het rietje heeft een zeefje onderaan en laat alleen het vocht door, de prut blijft in de beker en wordt telkens met water bijgevuld. Het wordt de hele dag gedronken, overal. Ook jonge mensen zitten met de mate in het park in plaats van met een biertje of mixje. De beker gaat rond. Iedereen lurkt lekker aan het rietje.
Argentinie is het eerste stuk na de grens zo plat als een pannekoek. Het weer wordt langzaam beter, meer zon, minder guur en er verschijnt een groene waas over de kale bomen en struiken. De lente is in aantocht!
Dat zagen we al, heel voorzichtig beginnen in Uruguay. Hoewel er veel altijd-groene-bomen zijn: palmen natuurlijk en de productiebossen met eucaliptus en de taaie boomsoorten met leerachtige blaadjes, is het toch een winters vaal en kaal landschap dat op het punt staat uit te barsten. Hier en daar al bloesem. Ik moet denken aan de grote treurwilg van onze overburen die altijd als eerste de lente aankondigt, eerst met een nauwelijks waarneembaar zweempje lichtgroen om uiteindelijk in het friste groen te staan stralen: de lente is begonnen!
Ook hier dus een groen waasje over de kaalheid. We kunnen niet wachten en willen weer het buitenleven in. Heerlijk; zonne energie opdoen. Het is genieten om de vogels af en aan te zien vliegen met nestmateriaal in de snavel. De kleine groene papegaaien, je ziet ze overal, bouwen grote gemeenschappelijke nesten met verschillende ingangen en krijsen zoals gewoonlijk dat het een lieve lust is.
We slingeren verder door het land en komen geplande en ongeplande bezienswaardigheden tegen. Een geplande is Laguna Mar Chiquita, een enorm zoutmeer met ontelbaar veel flamingo's. Drie van de 6 flamingosoorten hebben hier hun habitat. Dat zal wel.... ze vliegen al weg als er maar iets beweegt, dus enig onderscheid heb ik niet kunnen maken. Wel is, ook zonder verrekijker, goed te zien dat ze prachtig roze/rood zijn en in hun vlucht eigenlijk nog mooier zijn. We staan aan het meer, buiten het dorp Miramar dat op een landtong ligt en parkeren naast het oude Hotel Viena. Er is hier verder niks. We zitten eerste rang met zicht op het water te genieten van een adembenemende zonsondergang waar af en toe een groepje flamingo's doorheen vliegt. Zoals uit het boekje; de zon zakt (na een bewolkte dag) aan een wolkenloze hemel het water in. Bloedrood en -mooi wordt het daarna.
De volgende dag bezoeken we het Gran Hotel Viena. Gebouwd in 1936 en nog slechts gedeeltelijk begaanbaar. De gids, een alleraardigste dame geeft ons een rondleiding in het Spaans. Ze praat hard (dan snappen we het wel) en gelukkig ook langzaam zodat we de grote lijnen mee krijgen. Ondersteund door een historisch filmpje, de rondleiding door het oude gebouw en de binnentuin. Het hotel is gebouwd door de duitser Maximo Pahlke, wiens moeder Oostenrijkse was (vandaar Viena). De zoon Maximo leed aan psoriasis en kreeg het advies van medici om naar dit beroemde therapeutische water te gaan. Hij ondervond de heilzame werking van het zoute water en de gefortuneerde familie besloot een sanatorium te bouwen op een van de mooiste plekken aan het meer. In eerste instantie gericht op allerlei therapeutische en curatieve behandelingen zoals modder- en zoutwaterbaden. Destijds was het zoutgehalte zo hoog dat je bleef drijven.
In 1940 is de bouw gestart van het hotel waarvan het hoofdgebouw 3 verdiepingen telt. Met ruim 60 kamers elk met eigen badkamer en 28 met balkon met zeezicht in een prachtige entourage. Hoewel alles ernstig vervallen is,( het hotel is achtergebleven zoals het in 1980 verlaten is) is de elegante en luxe uitstraling nog steeds te voelen.
Tussen 1946 en 1948 was het hotel niet meer voor publiek toegankelijk, een voedingsbodem voor geruchten dat oud-nazi's er hun toevlucht hadden genomen. De Pahlke familie was reeds in 1946 naar Buenos Aires en daarna naar "het Zwarte Woud" vertrokken en liet het hotel over aan de zorgen van het hoofd van de beveiliging. Een mysterieus einde van het Gran Hotel waar tot op de dag van vandaag geen antwoorden op zijn. Feit is dat aan het einde van de 2e Wereldoorlog Duitse goederen werden geconfisceerd door de staat Argentinie.
Het hotel heeft tussen 1954 en 1980 nog als zodanig gefunctioneerd tot een grote overstroming hier een einde aan maakte. Het iconische gebouw verzakte en raakte langzaam maar zeker steeds verder in verval omdat niemand de hoge renovatie kosten voor zijn rekening wilde nemen.
In 2005 heeft een groep inwoners van Miramar zich sterk gemaakt voor behoud van dit historische en culturele erfgoed van hun stad en werd er een start gemaakt met het redden van "the Grand Hotel Vienna" een Historical Heritage.
Dit geplande bezoek aan deze zee-lagune wordt afgewisseld met een onverwachte ontmoeting: Onderweg over de B weg richting Cordoba, zien we midden in het dorp Mediolaza een groepje gaucho's te paard, "wat is daar te doen"? Natuurlijke reflex van ons tweeen: stoppen, parkeren, uitstappen, erop af en kijken.
Het blijkt een openlucht mis te zijn met mensen te voet en mensen te paard (zie ook filmpje). Normaal wordt er op deze Naamdag een processie gehouden met wel 1500 paarden maar vanwege de recessie in het land is hiervan afgezien. Da's nou jammer. Rest dit dorpsfeest met mis, zegening en daarna eten op het plein erachter waar de houtskool vuurtjes al branden. We kijken naar de mooi aangeklede ruiters en genieten van het schouwspel. Nog even een empanada (gevuld deegflapje) gekocht voor het goede doel, nog even omkijken en diep ademhalen na zo'n "film" en door naar Camping Municipal San Martin onder de rook van Cordoba.
Het blijkt een enorm terrein waar veel wordt gesport en gerecreerd en op zondag natuurlijk....DE bbq. Het is een mooie lentedag en de mensen leven hier buiten. Als het fris is, jas aan en muts op. Familie's of groepen van wel 20 mensen samen om een vuurtje. Tafel vol met eten en frinken. We denken dat dit wel eens de belangrijkste maaltijd van de week kan zijn. We hebben een fijne royale plek om een paar dagen te blijven. Het weer is goed: strakblauw en rond de 20 graden. We besluiten om de volgende dag naar de oude binnenstad te lopen. Is handiger dan fietsen omdat we telkens de navigatie nodig hebben en de heuvels zijn mij te heftig om tegenop te peddelen. We lopen 12 km naar het Plaza San Martin van deze 2e stad van Argentinie. Standbeelden van General San Martin hoog te paard sieren veel pleinen in het land en veel straten en parken zijn naar hem vernoemd. Jose de San Martin is geboren in 1778 en in ballingschap in Frankrijk overleden op 17 augustus 1850. Hij diende als Generaal in de strijd tegen de Spaanse overheersing van 28 juli 1821 tot 20 september 1822.
Samen met Simon Bolivar wordt de Argentijnse Jose San Martin, ook door Chili en Peru, beschouwd als de belangrijkste Liberadores van Spaanstalig Zuid Amerika.
Cordoba heeft een compact centrum en er hangt een prettige sfeer. We zien, zoals in de meeste grote steden van de wereld, verschillende dakloze mensen. Maar hier niet in grote getale. Op het plaza staat een grote droge fontein en in die beschutting liggen de matrassen en dekens opgestapeld voor als de (koude) nacht straks komt. Overdag houden veel van deze mensen zich bezig met papier/ karton verzamelen, als parkeerwacht of als acrobaat bij stoplichten om wat bij te verdienen. Direct aan het plaza staat in pasteltinten de 18e eeuwse Kathedraal van Cordoba. Een imposante kerk, ze wordt omschreven als een van de oudste en mooiste kathedralen in Argentinie. Een suikerdoos in barok en neo-classistische stijl.
We vullen de middag met lekker rond koekeloeren en een terrasje pikken. Maar willen aan het einde van de middag de opvallende kerk nog gaan bezoeken die wel wat gelijkenis vertoont met de Sagrada Familia in Barcelona. Dit is de Eglisia del Sagrado Corazon de Jesus. Het prachtige gebouw, zowel van binnen als buiten is ook bekend als de kerk van de Kapucijners. De bouw van de kerk is in 1926 gestart en voltooid in 1934, gebouwd in Neo-gotische stijl die in Europa werd geleerd. Opvallend is dat beide torens van verschillende hoogte zijn. Dat wordt verklaard doordat de hoge toren aan de rechterzijde de ziel die na de dood opstijgt vertegenwoordigd.
De weg terug naar de camping leggen gaan we met de taxi, voor nog geen tientje worden we door het verkeer geloodst, de stad uit en afgeleverd op Municipality General San Martin. Mooie dag. Terug bij de bus vertelt de app ons 'vandaag 23,6 km. te hebben gesjouwd'.
We pakken we ons boeltje weer op om weer op weg te gaan. Maar 's morgens krijgens we eerst gezelschap van 2 bussen schoolkinderen die er afgeleverd worden voor een sportdag. Na de eerste schroom te hebben overwonnen, oefenen ze hun engels op ons, scheppen op over voetbal en zijn trots op Maxima hun en onze Koningin.
Graag nemen ze een kijkje in de bus en het is een drukte van belang. Aardige kinderen van een jaar of 13, 14 die na een half uurtje weer vertrekken en door de leerkrachten in een grote kring worden gedirigeerd. We vertrekken en worden door veel handen uitgezwaaid.
Tijd om een Wifi punt te zoeken zodat dit verhaal de lucht in kan om jullie deelgenoot te maken van ons doen en laten.
We zwaaien iedereen toe vanuit het dorp "Mercedes". Ieder dorp of stad heeft wel van die letters staan, meestal in vrolijke kleuren. Deze letters zijn nogal saai... maar ons leven niet. Dus vanuit Mercedes een even toepasselijke als welgemeende groet! Ook van Bert natuurlijk.
Marianne.
PS
Het lukte niet om internet te vinden, dus loopt ons verhaal nog even door ...
Erg mooi was het in de Traslasierra. Nog geen 50 kilometer van Cordoba rijden we deze bergen in. Trasla-sierra betekent letterlijk "over de bergen". Prachtig is het hier, we slingeren in no time naar 2000 meter hoogte! Parque National de la Quebrada del Condorito wordt onze bestemming. Een nationaal park waar je ook kunt overnachten en waar in de nabij gelegen canyon (quebrada) de Condor huist. We zijn de enigen hier 'op het dak van de wereld' en 's nachts is het echt donker en ssstil.
De volgende ochtend wandelschoenen aan, rugzak op en go! Een mooie route tussen grassen en rotsen door leidt ons in 8 km naar het diepe en stijle ravijn waar de condors hun nesten hebben. Het Balcon Norte is het uitzichtspunt en we zien ze: de Condor Andino (95 cm en een diameter van wel 3 meter). Imposant glijdend op de thermiek. Daarna zien we de condors eigenlijk nog beter, als we via een klein pad naar de rivier afdalen en vanuit dat perspectief het ravijn in kijken. Het is fris hierboven en aan de andere kant schijnt de zon en is het zelfs +20 en kijken we op tegen het prachtige gebergte met in de verte haar vulkaantoppen.





































Lieve grt. Ank
Nu goeie reis verder de lente in, veel liefs van ons🤠😘
En fijn dat de lente eindelijk begint en jullie zon en warmte brengt.
Goede reis verder !